Ooit gehoord van de vingerhoedskruidbochelwants? Ik niet tot mijn vrouw hem een paar weken geleden in onze tuin vond. Inderdaad verstopt in een van de klokvormige bloemen van de plant.
Nu is het best een bijzonder dier. Het tot vier millimeter grote insect heeft maar een plant waarop zijn larven en hij zijn leven slijten: het vingerhoedskruid. Waarom dat bijzonder is? Alle delen van de plant zijn giftig terwijl de voeding van de wants voor een behoorlijk deel bestaat uit sap van de plant. Het bevat onder andere een stof, digitalis, die inwerkt op de hartspier. Sinds de ontdekking in de achttiende eeuw wordt het tot op de dag vandaag bij mensen als medicijn gebruikt bij hartfalen.
Met zijn zuigsnuit kan de wants kan zoveel sap van het vingerhoedskruid eten als hij wil. Hij gaat er niet aan dood. Op de een of andere manier heeft het gif geen vat op zijn functioneren. Hij is eraan aangepast net als enkele soorten luizen, spintmijten en rupsen. De wants jaagt met liefde op ze want ze vormen zijn voornaamste voedsel. Tot op zekere hoogte is het daarmee een soort beveiliger van het vingerhoedskruid. Zijn aanwezigheid beschermt de plant tegen teveel vraatschade. Waardoor de twee jarige plant uiteindelijk uitbundiger kan bloeien en meer zaad kan voortbrengen. Dit draagt bij aan de verspreiding en voortbestaan van de plant.
Nu is deze wants zeker niet bestand tegen alle soorten gif. In de land- en tuinbouw kunnen wantsen grote schade veroorzaken. Verschillende gewassen worden daarom met wants dodende insecticiden bespoten. Ondanks veel innovaties en aanpassingen om de insecticiden alleen op het betreffende gewas terecht te laten komen, geeft onderzoek aan dat dat nog steeds maar ten dele lukt. Op allerlei manieren verspreiden de insecticiden zich breder door het milieu. En kunnen dan ook heel ongewild de vingerhoedskruidbochelwants vergiftigen. Van een dode wants zal niemand wakker liggen. Als het echter op grote schaal gebeurd heeft dat niet alleen gevolgen voor de omvang van de populatie van deze wantsen. Het voorkomen van het vingerhoedskruid kan er ook onder gaan leiden.
Alle reden om heel zuinig te zijn met het gebruik van insecticiden en veel te investeren in onderzoek naar mens-, dier- en milieuvriendelijker alternatieven. Natuurlijk in de land- en tuinbouw. Maar ook in en om het huis.
Er zijn geen exacte gegevens over de hoeveelheid insecticiden die een gemiddeld huishouden per jaar gebruikt. Belgisch onderzoek en de volle schappen met middelen in supermarkten, bouwmarkten en tuincentra doen vermoeden dat het best wat kan zijn. Daar kunnen we zelf wat aan doen. Gewoon niet kopen. Goed voor de natuur. En de vingerhoedskruidbochelwants.